Maatschappelijke rol

Bibliotheekkast

Na ruim 40 jaar omzwervingen heeft de historische bibliotheekkast van a.s.r.-voorganger De Utrecht weer een prachtige plek gekregen in het pand van a.s.r. Deze kast was een kenmerkend onderdeel van het markante Jugendstil-pand aan de Leidseweg dat in 1974 moest wijken voor de bouw van Hoog Catharijne.

Bibliotheekkast

Rondleidingen

Conservator Sigrid Vegter geeft op alle woensdagen in juli om 16.00 een rondleiding. U bent ook hiervoor van harte welkom. U moet zich ook hiervoor wel aanmelden.

Over het kantoor

In 1899 verleende de directie van de Levensverzekeringmaatschappij De Utrecht de opdracht aan architect Jan Verheul (1860-1948) voor de bouw van een nieuw hoofdkantoor aan de Leidseweg in Utrecht. Verheul had al eerder voor De Utrecht gewerkt. Zo tekende hij in 1893 voor de bouw van een Rotterdams bijkantoor en in 1898 voor een bijkantoor in Tilburg. Directeur Ingenegeren stelde Verheul aan als architect voor het nieuwe hoofdkantoor omdat: ‘Wij dan iets krijgen wat én fraai én praktisch is.’ Het bezit van een eigen kantoor was, naast dat het een solide belegging was, ook een manier om vertrouwen en degelijkheid uit te stralen. Ingenegeren vond het bezit van mooie panden een betere reclame dan het plaatsen van advertenties. 

Het pand van De Utrecht werd gebouwd in wat wel Nederlandse Art Nouveau-stijl of Jugendstil wordt genoemd,. Het ontwerp kenmerkt zich door consequent gebruik van abstracte motieven en geometrische en sierlijke vormen. De haast symmetrische zandstenen gevel was rijkelijk voorzien van beeldhouw- en siersmeedwerk. Dat smeedwerk had typische zweepslagmotieven, die ook te zien waren in de torentjes en het beeldhouwwerk.

Het kantoor van De Utrecht is gebouwd door de Amsterdamse aannemers D. Cerlijn & zoon en A.J. de Haan voor 206.860 gulden. Op 1 januari 1902 was het gebouw geheel voltooid. De Utrecht was bijzonder tevreden met haar nieuwe gebouw. Het prijkte samen met de Belgische, Franse en Deense hoofdkantoren als reclame op de polissen van de maatschappij.

Over de architect

De in Rotterdam geboren en getogen architect Johannes (Jan) Verheul Dirkzoon (1860-1948) leverde een wezenlijke bijdrage aan het vooroorlogse gezicht van Rotterdam. Zijn grootste werk is de Rotterdamse Grote Schouwburg. Verheul leidde een zeer actief leven als architect en was verantwoordelijk voor een uiterst divers oeuvre, in eerste instantie in en om Rotterdam, maar later ook elders in Nederland.

Naast De Utrecht lieten ook andere verzekeringsmaatschappijen hun kantoren door Verheul ontwerpen. In 1897 bouwde hij voor de Algemeene Levensverzekerings-Bank een pand aan de Schiekade in Rotterdam en later het R.V.S.-kantoor in Amsterdam dat in 1901 gereedkwam.

Door het bombardement van mei 1940 en door de sloopwoede in de jaren zestig en zeventig is nog maar minder dan de helft van het oeuvre van Verheul over. 

Interieur en decoratie van het gebouw

Architect Verheul voerde de modieuze stijl (Art Nouveau/Jugendstil) ook door in het interieur van het gebouw en bij de meubels. Hiervoor schakelde hij verschillende kunstenaars en ontwerpers in. De Haagse beeldhouwer Jan Diekman maakte de adelaars, draken en ook de leeuwen met het stads- en provinciewapen bij de bordestrap. Schilder Co Breman (1865-1934) maakte de schilderingen in het trappenhuis. In een nis van het gebouw (links bovenaan de gevel) stond het beeld van de verzekeringsengel gemaakt door de Amsterdamse beeldhouwer Henri Scholtz (1868-1904).

De hoofdingang was alleen bedoeld voor directie en bezoekers. Via die entree kwam je in een ruime vestibule met het rijk gedecoreerde trappenhuis, wat duidelijk een representatieve functie had. Het zitje dat hier stond en dat ook door Verheul is ontworpen staat ook nog bij a.s.r.

De medewerkers gingen naar binnen via trappen die onder de hoofdtrap van het gebouw waren aangebracht. Er was een grote kantoorruimte waar plek was voor 128 medewerkers. Zij werkten aan hoge lessenaars met krukken.

De bibliotheek

Het mooiste vertrek van het kantoor van De Utrecht was de bibliotheek, die ook als vergaderzaal dienst deed. De bibliotheek, op de eerste verdieping gelegen, was een grote, rechthoekige zaal die in verbinding stond met de aan weerszijden gelegen directiekantoren. Aan de kant waar je de kamer binnenkwam, werd de gehele wand in beslag genomen door de bibliotheekkast, ontworpen door architect Verheul. In de bibliotheekkast stond de verzameling boeken over het verzekeringswezen van directeur Ingenegeren. De soms eeuwenoude boeken gingen over verzekeren, rekenen, economie en typografie.

In de bibliotheek hing een sierlijk gekrulde lamp. De leestafels en -stoelen stonden op een tapijt met Jugendstil-motieven. De oorspronkelijke bekleding van het meubilair was afkomstig van de Haagse firma Arts and Crafts. Het vloerkleed kwam van de Kralingsche tapijtfabriek W. Stevens en Zonen te Rotterdam.

Na de sloop van het pand kwam de bibliotheekkast terecht op de zolder van het stadhuis. In de jaren 90 werd de kast geplaatst in het Pompstation van Vitens in Soestduinen. Sinds een aantal jaren lag de kast in de opslag van het Centraal Museum. Nu heeft de kast een prominente plek bij a.s.r. gekregen. Verzekeringsmaatschappij Utrecht is ooit opgegaan in a.s.r. Het prachtig gerenoveerde pand van a.s.r. is dus een toepasselijke plaats om het verleden weer een plaats te geven.

De sloop

Eind 1974 werden de panden van de Utrecht gesloopt ten behoeve van de bouw van Hoog Catharijne. Het gebouw De Utrecht stond aan wat toen de Leidseweg was en nu Smakkelaarsveld is, ongeveer ter hoogte van de Mediamarkt. In de bouwplannen is op verzoek van actiegroepen nog gekeken of er om het gebouw heen kon worden gebouwd. Na de sloop is verscheidene keren geopperd het pand opnieuw te bouwen.

De Utrecht wordt ook wel het best bewaarde gesloopte gebouw van Utrecht genoemd. Het is niet alleen vastgelegd op vele foto’s, ook zijn tientallen bouwfragmenten en interieuronderdelen bewaard. Deels in nabijheid; op het oude gedeelte van TivoliVredenburg staat het beeld van de verzekeringsengel, terwijl bij de artiesteningang de oude brievenbus en in de foyer twee gietijzeren draaihekken bewaard zijn – net als fragmenten van het naastgelegen archiefgebouw van De Utrecht.

In het museumcafé van het Centraal Museum zijn de gietijzeren lampen en lantaarns uit De Utrecht te zien. In de museumdepots worden verder de gebeeldhouwde draken, adelaars, leeuwen en pelikaan bewaard. Ook zijn er nog onderdelen in depot bij de gemeente en heeft a.s.r. nog meubels, zoals de vergadertafel die in de bibliotheek stond.